
Als je in het ziekenhuis bent, hoor je soms best moeilijke wooorden. Wij hebben wat woorden op een rijtje gezet met uitleg.
|
E |
J |
Q |
T |
U |
W |
X |
Y |
Z |
Betekent dat je ergens niet tegen kan. Sommige kinderen krijgen jeuk van pindakaas, anderen kunnen niet tegen pleisters.
Dat is de slaapdokter. Hij zorgt ervoor dat je niets merkt van een operatie.
Hele kleine ziekteverwekkers. Je kan ze alleen met een microscoop zien.
Een kamer waar je naar toe gaat als de dokter je wil onderzoeken of als je bijvoorbeeld geprikt moet worden.
Een soort ballon, onderin je buik die je plas opvangt en verzamelt. Als je blaas vol is, voel je dat je moet plassen.
Dat rode spul wat uit je vel komt als je valt of je in je vinger snijdt. Het zorgt ervoor dat frisse lucht en eten door je hele lichaam komen.
De harde stukken in je benen, armen, rug en hoofd. Door die botten zak je niet als een slappe doek in elkaar.
Clowns die in het ziekenhuis werken.
Die zitten in je buik en maken van de afvalrestjes van je eten poep.
Een fysiotherapeut weet alles van bewegen.
Dat harde verband dat je om je gebroken arm of been krijgt.
De motor van je lichaam. Pompt de hele dag bloed zonder dat je er iets voor hoeft te doen.
Die zitten in je hoofd. Deze computer stuurt je lichaam aan. Daardoor kan je bewegen en voelen en denken.
Deze dokter weet alles over wat er in je buik zit.
De kindercardioloog is een kinderarts die verstand heeft van alles wat met je hart te maken heeft (behalve als je liefdesverdriet hebt.)
Dit is de Keel, Neus en Oorarts.
Hier zoeken ze uit of je bloed, je plas of je poep goed is.
Pillen of drankjes. Die helpen je om beter te worden of je beter te voelen.
Een soort groot vergrootglas. Daarmee kan je bijvoorbeeld ziektemakers zien en bloedcellen
Een monitor registreert de hartactie, ademhaling en saturatie ( zuurstofverzadiging in het bloed) van jou. Via plakkers op de buik en borst en een metertje om je hand of vinger worden er diverse waardes geregistreerd op de monitor.
Dat betekent dat je helemaal niets mag eten en drinken. Tenminste, tot dat de zuster zegt dat het weer mag.
Als de dokter zo niet kan zien wat er aan de hand is, gaat hij verder zoeken. Bijvoorbeeld met speciale foto’s.
Bandjes waarmee je spieren aan je botten vastzitten.
Hier kom je alleen even op bezoek bij de dokter.
Botjes in je borst. Samen met je ruggewervels vormen ze je ribbenkast.
Een dokter die heel veel weet van een apart deel van je lichaam. Bijvoorbeeld de KNO-arts.
Die grote elastieken die er voor zorgen dat je kan bewegen.
Ook ziekteverwekkers. Ze zorgen bijvoorbeeld voor griep of het niezen bij een verkoudheid.