
De veteranenziekte wordt veroorzaakt door de legionellabacterie, die longontsteking tot gevolg kan hebben. Er bestaat ook een lichtere vorm van infectie: de legionellagriep. Naar schatting lopen jaarlijks honderden en mogelijk duizenden mensen een infectie op. De meeste mensen worden niet ziek na besmetting. Zware rokers, ouderen en mensen die geneesmiddelen gebruiken die hun afweer verstoren (bijvoorbeeld mensen die een transplantatie hebben ondergaan), lopen een groter risico. Slechts een klein aantal besmette mensen wordt ernstig ziek. De ziekte is niet nieuw. Zij werd in 1976 ontdekt, toen zich in Philadelphia (VS) een epidemie van longontsteking voordeed onder oudstrijders uit het Amerikaanse Legioen. In ongeveer de helft van de bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg gemelde gevallen is de infectie waarschijnlijk opgelopen in het buitenland.
Slechts onder bepaalde omstandigheden kunnen legionellabacteriën gevaar opleveren. De watertemperatuur moet tussen 25 en 50 graden Celsius zijn (vanaf 20 graden Celsius kan al langzame uitgroei plaatsvinden). Bovendien moeten de bacteriën ook nog eens de kans krijgen zich te vermeerderen in slijmlaagjes aan de binnenkant van leidingen of in het bezinksel op de bodem van leidingen en reservoirs. Dit is vooral in langdurig stilstaand water het geval. Besmetting is alleen mogelijk als het besmette water wordt verneveld en de hele kleine waterdruppeltjes worden ingeademd. Verneveling van water vindt plaats bij huishoudelijk gebruik van leidingwater (zoals douchen), maar ook in whirlpools, bij bepaalde bedrijfsmatige processen, bij sommige vormen van luchtbehandeling (airconditioning) en bij koeltorens.
Besmetting vindt plaats via de longen. Infectie vindt plaats door het inademen van de bacterie in zeer kleine druppeltjes water, verspreid in de lucht (aerosolen). De ziekte kan niet van de ene mens op de andere worden overgedragen en is niet besmettelijk. Het drinken van met legionella besmet water vormt geen risico.
Bovenstaande informatie is tot stand gekomen met behulp van www.vrom.nl
.
Risicofactoren die leiden tot uitgroei van legionellabacteriën zijn een watertemperatuur tussen 25 en 50 graden Celcius, stilstaand water en een lange verblijftijd van het water in een (leiding)systeem. Door deze risico’s te elimineren, ontstaat een veilig systeem. In het St. Elisabeth Ziekenhuis is hieraan veel aandacht besteed door het voorkomen van 'dode' leidingen en het isoleren van koudwaterleidingen, zodat deze niet kunnen opwarmen. Door het veelvuldig toepassen van keerkleppen en andere beveiligingen wordt voorkomen dat warm en koud water worden gemengd. Zo worden de juiste temperaturen in het hele gebouw gehandhaafd. Uiteraard worden de watertemperaturen periodiek gecontroleerd en wordt het water zelf bij risicopunten op legionella getest.
De projectgroep legionellabeheer van het ziekenhuis bepaalt de technische activiteiten, die nodig zijn om aan de wettelijke voorwaarden te voldoen. Zij verzorgt ook de risicoanalyse die nodig is om te bepalen waar legionella een probleem kan gaan vormen. Als onderdeel daarvan worden bijvoorbeeld alle nieuwbouw- en verbouwprojecten nauwkeurig gescreend op legionellarisicio en worden alle tappunt- of leidingwijzigingen op tekening vastgelegd. Hierdoor wordt inzichtelijk of we aan de juiste kwaliteit op dit gebied voldoen. De afdeling Infectiepreventie zorgt voor de coördinatie rond de microbiologische controle van het waterleidingssysteem.