logo
Poli Kindercentrum » Het Tilburgse Helmenteam » Veel gestelde vragen (FAQ)
tekst verkleinentekst vergroten tekstgrootte

Veel gestelde vragen aan het Helmenteam

 

Hoeveel uur per dag moet de helm worden gedragen?

De helm moet 18 tot 23 uur worden gedragen. Er moet natuurlijk ook tijd zijn voor een bad en knuffelen. Ook bij zeer warme dagen of hoge koorts kan de helm niet worden gedragen. Het is wel aangetoond dat een goed eindresultaat wordt bevorderd door veel draaguren, dus het is beter om niet te veel te smokkelen! Uiteindelijk bepalen de ouders het maximaal haalbare aantal draaguren.

 

Hoeveel maanden moet de helm worden gedragen?

Het aantal maanden dat de helm moet worden gedragen is vier tot acht maanden. Deze duur hangt onder andere af van de mate van scheefheid aan het begin, de schedelgroeisnelheid, de leeftijd bij de start van de helmbehandeling en het aantal draaguren. Bij veel kinderen is vier maanden voldoende. Soms zijn zes of zelfs acht maanden nodig. Doorbehandelen na de eerste verjaardag is meestal niet zinvol. In Tilburg worden alle kinderen vier maanden na het eerste polibezoek gezien, onder andere om de definitieve behandelduur vast te stellen.

 

Is het dragen van de helm vervelend voor mijn kind?

Meestal verloopt het dragen van de helm zonder veel problemen. Veel kinderen raken zelfs erg gesteld op hun helm. Ongeveer één op de tien kinderen heeft pasvormproblemen in de vorm van een (beginnende) drukplek. Dit kan worden verholpen door de helm aan te passen. Wel hebben bijna alle kinderen door het groeien van hun schedel een keer een aanpassing nodig (laagje eruit halen).

 

Wat is de ideale startleeftijd voor de helmbehandeling?

De ideale startleeftijd is vijf tot zes maanden. Bij een eerdere beoordeling bestaat het gevaar van overschatting van de scheefheid en dus ook overbehandeling. Starten op een latere leeftijd wordt geleidelijk minder effectief omdat de schedelgroeisnelheid per maand steeds meer afneemt. In Tilburg wordt ook na de leeftijd van zes maanden gestart met helmbehandeling, maar dat hangt dan steeds nadrukkelijker af van de ernst van de scheefheid van de schedel.

 

Is mijn kind na de leeftijd van zes maanden nog welkom op uw helmenspreekuur?

Uw kind is zeker ook na de leeftijd van zes maanden nog welkom. Ten eerste omdat ook na die leeftijd, uiteraard afhankelijk van de ernst van de scheefheid, helmbehandeling nog zinvol kan zijn. Ten tweede omdat het belangrijk is om vervelende, zeldzame oorzaken van scheefhoofdigheid uit te sluiten zoals een te vroege sluiting van een of meer schedelnaden, ontwikkelingsachterstand, neurologische afwijkingen, et cetera. Tot slot blijkt dat veel ouders het prettig vinden om het probleem van scheefhoofdigheid duidelijk door te spreken (inclusief toekomstverwachtingen ten aanzien van de schedelvorm), ook als het voor behandeling te laat is.

 

Wat kan ik als ouder doen om scheefheid van de schedel van mijn kind te voorkomen?

In heel Nederland wordt gedurende de eerste levensweken afwisselende zijligging geadviseerd, daarna gevolgd door het belangrijke advies voor rugligging in verband met wiegendoodpreventie. Als in deze periode een voorkeurshouding opvalt, dan kan onder leiding van een kinderfysiotherapeut worden geprobeerd om dit te doorbreken, zodat ook de schedel niet meer eenzijdig wordt belast. Ondanks alle inspanningen lukt het niet bij alle kinderen om de voorkeurshouding vlot te doorbreken. Voor deze kinderen kan dan helmbehandeling nuttig zijn. Veel consultatiebureaus hebben richtlijnen ontwikkeld voor de vroege behandeling van kinderen met een voorkeurshouding.

 

Wordt de helm door de zorgverzekeraar vergoed?

De afgelopen zeven jaren werden alle helmen die door de Tilburgse helmenpolikliniek zijn voorgeschreven voor vergoeding geaccepteerd.

koorts
lichaamstemperatuur boven de 38 graden celsius
overbehandeling
behandeling die niet nodig is om een ziekte of aandoening te bestrijden maar wel wordt gegeven
ontwikkelingsachterstand
achterstand in de ontwikkeling of langzamer verlopende ontwikkeling bij kinderen door ontwikkelingsstoornissen of externe factoren zoals het opgroeien in een multiprobleemgezin
behandeling
activiteit van een zorgaanbieder gericht op het herstel en voorkomen van verergering van een aandoening of beperking, naast andere activiteiten als begeleiding, consultatie of verblijf, om te voldoen aan individuele zorgvragen; een van de zeven awbz-functies