logo
Zorgeenheden » Klinische Pathologie » De afdelingen
tekst verkleinentekst vergroten tekstgrootte

De verschillende afdelingen van het laboratorium Klinische Pathologie

Histologie

Histologie betekent weefselleer. Op het histologisch laboratorium vindt onderzoek plaats op weefsel afkomstig van het hele lichaam, onder andere verkregen door chirurgie of biopsie (een stukje weefsel dat is weggenomen voor onderzoek). Na een beoordeling op afwijkingen met het blote oog (macroscopie) wordt van het te onderzoeken weefselmateriaal gericht monsters (kleine plakjes weefsel) genomen.
De uitgenomen monsters worden op het laboratorium technisch bewerkt tot een lichtmicroscopische preparaat. Bij deze bewerking wordt het water uit het weefsel verwijderd en vervangen door paraffine. De histologische analist kan van het weefsel zeer dunne plakjes snijden (ca. 0,003 mm). Deze plakjes (coupes) worden op een glaasje geplakt en gekleurd waardoor de cellen duidelijk zichtbaar zijn onder de microscoop.

Ter ondersteuning van de diagnosestelling heeft men de beschikking over de modernste onderzoekstechnieken, bijvoorbeeld immuuncyto-/ histochemie, morfometrie, enzymhistochemie, moleculaire pathologie, flowcytometrie of elektronenmicroscopie.

Cytologie

Cytologie betekent celleer. In het cytologisch laboratorium vindt onderzoek plaats op losse cellen. Deze cellen kunnen verkregen worden door afschrapen (denk aan baarmoederhalsuitstrijkjes), spontane lozing (onder andere cellen in urine), ophoesten (sputum) of door aanprikken met een dunne naald (orgaanpuncties).

Een belangrijk deel van de werkzaamheden wordt gevormd door de technische verwerking en microscopische beoordeling van baarmoederhalsuitstrijkjes, welke vervaardigd zijn op medische indicatie of in het kader van het bevolkingsonderzoek. Binnen het laboratorium wordt voor dit onderzoek gebruik gemaakt van de zogenaamde dunne laag methode. Hierbij wordt het celmateriaal niet rechtstreeks op een glaasje uitgestreken maar overgebracht in een potje met fixatievloeistof. In het laboratorium wordt dit materiaal met behulp van een apparaat verwerkt tot een microscopisch preparaat. Het voordeel van deze techniek is, dat het aldus vervaardigde preparaat slechts uit één cellaag bestaat wat een adequate microscopische beoordeling ten goede komt.

Daarnaast wordt op de afdeling cytologie ook niet-gynaecologisch celmateriaal verwerkt en beoordeeld. Hierbij kan men denken aan longspoelingen, urine, buikvocht en punctiemateriaal.

Ter ondersteuning van de diagnostiek kan hier gebruik gemaakt worden van de specifieke onderzoekstechnieken.

Mortuarium

Alle overleden patiënten van het ziekenhuis worden naar het mortuarium gebracht. Jaarlijks betreft dat ongeveer 600 overledenen. Op verzoek van de behandelaar (soms op verzoek van familielid via de behandelaar) vindt obductie (sectie, lijkopening of autopsie) plaats. Ondersteund door de obductieassistent verricht de patholoog het onderzoek in de obductiekamer. Een obductie behelst een omvangrijk, inwendig onderzoek, waarbij vrijwel alle organen van de overledenen op voorkomende afwijkingen wordt beoordeeld. Na de beoordeling met het blote oog (macroscopisch) worden kleine stukjes weefsel van het gezonde en afwijkende gedeelte van de verschillende organen genomen. Na verwerking tot preparaten vindt lichtmicroscopisch onderzoek plaats, zodat de doodsoorzaak vastgesteld kan worden.

pathologie
medisch specialisme dat de oorzaken en aard van ziekten onderzoekt
obductie
medisch onderzoek na overlijden om de doodsoorzaak te achterhalen
biopsie
het weghalen uit het lichaam van een stukje weefsel voor medisch onderzoek om een diagnose te stellen
ondersteuning
(beroepsmatig) bijstaan van mensen of organisaties in verschillende situaties
pathologie
medisch specialisme dat de oorzaken en aard van ziekten onderzoekt
indicatie
vastgestelde mate en aard van iemands zorgbehoefte
diagnostiek
methoden en technieken om een ziekte of probleem te kunnen vaststellen
obductie
medisch onderzoek na overlijden om de doodsoorzaak te achterhalen