logo
Oogheelkunde » Behandelingen » Macula degeneratie
tekst verkleinentekst vergroten tekstgrootte

Macula degeneratie

Macula degeneratie is een oogziekte die de macula aantast. De macula is het centrale deel van het netvlies. Dit hebben we nodig om te lezen, auto te rijden, te knutselen en voor het herkennen van gezichten. Er zijn vormen die zich openbaren op jonge leeftijd, maar de grootste groep mensen met macula degeneratie lijdt aan de leeftijdsgerelateerde macula degeneratie ( ouderdoms macula degeneratie).

In Nederland hebben ongeveer 100.000 mensen macula degeneratie. Hoe ouder men wordt, hoe groter de kans is dat men macula degeneratie ontwikkeld: 

  • 55-64 jaar: 14% heeft macula degeneratie 
  • 65-74 jaar: 19% heeft macula degeneratie 
  • leeftijd boven de 75 jaar: 37% heeft macula degeneratie

Leeftijds gerelateerde macula degeneratie is de belangrijkste oorzaak van slechtziendheid bij mensen boven de 65 jaar in de USA, West-Europa en Japan.

Vormen van de leeftijds gerelateerde macula degeneratie

Er zijn twee vormen van leeftijds gerelateerde macula degeneratie:

  1. Droge AMD (niet - exudatieve AMD); komt voor bij tachtig procent van de mensen met leeftijds gerelateerde macula degeneratie. Deze vorm ontwikkelt zich langzaam en heeft meestal niet heel veel invloed op het gezichtsvermogen. Hier bestaat geen behandeling voor.
  2. Natte AMD ( neovasculair of exudatieve AMD); komt bij twintig procent van de mensen met leeftijds gerelateerde macula degeneratie voor. Deze vorm kenmerkt zich door de groei van abnormale, fragiele bloedvaatjes, choriodale neovascularizatie genoemd. Deze aandoening ontwikkeld zich snel en zorgt voor ernstig verlies van het gezichtsvermogen.  Ieder jaar ontwikkelen 5.000 tot 10.000 nieuwe mensen in Nederland de vorm van leeftijds gerelateerde macula degeneratie.

Tien tot twintig procent van de mensen met een droge vorm van de leeftijds gerelateerde macula degeneratie ontwikkelt vervolgens de natte vorm. Het alarmsymptoom voor deze overgang is plotselinge vervorming van het centrale beeld.

Risicofactoren

Er zijn een aantal risicofactoren waarvan bekend is dat ze leeftijds gerelateerde macula degeneratie kunnen doen ontwikkelen of doen toenemen:

  • leeftijd
  • genetische factoren
  • geslacht (vrouwen hebben een hoger risico)
  • ras (blanken hebben een hoger risico)
  • hoge bloeddruk
  • hoge cholesterolspiegel
  • roken
  • blootstelling aan zonlicht
  • dieet (voedingsmiddelen, rijk aan carotenoïden, vitamine C en E, zink, koper, omega3-vetzuren, of met weinig  koolhydraten geven mogelijk minder kans op (verdergaande) ontwikkeling van macula degeneratie.)
  • ontsteking

Impact van macula degeneratie

Leeftijds gerelateerde macula degeneratie kan een behoorlijke impact hebben op het leven van de mensen die eraan lijden. Men kan afhankelijk van anderen worden voor dagelijkse zaken zoals telefoneren, boodschappen doen en de administratie verzorgen. Men kan problemen krijgen met het uitoefenen van hobby's en moeilijkheden ondervinden in de sociale sfeer, doordat het bijvoorbeeld lastig wordt om mensen te herkennen. Dit kan soms leiden tot een sociaal isolement.

Behandeling van leeftijds gerelateerde macula degeneratie

Er is geen bewezen behandeling voor de droge vorm van leeftijdsgerelateerde macula degeneratie. We wijzen patiënten er wel op dat het verstandig is om te stoppen met roken en om gezond te eten (zie risicofactoren).
Sinds 2000 bestaat de mogelijkheid om patiënten met de natte vorm van macula degeneratie te behandelen met photodynamische therapie met Visudyne® ( verteporfin). Hierdoor is het voor het eerst mogelijk om de achteruitgang van het gezichtsvermogen te stabiliseren. Tegenwoordig is het in sommige gevallen zelfs mogelijk het gezichtsvermogen van patiënten met de natte vorm van macula degeneratie te doen toenemen door het in het oog spuiten van een vasculaire endotheliale groeifactor ( VEGF)-remmer. VEGF-remmers zorgen ervoor dat er minder nieuwe bloedvaten gevormd worden, dat er minder vaatlekkage is en dat de ernst van ontstekingsprocessen in het netvlies afneemt.

Er zijn twee VEGF-remmers die gebruikt worden voor de behandeling van de natte vorm van leeftijdsgerelateerde macula degeneratie:

  1. Avastin; dit is een middel dat geregistreerd is voor de behandeling van verschillende vormen van kanker, maar dat al sinds 2005 met een goed resultaat (en weinig bijwerkingen) wordt gebruikt voor de behandeling van de natte vorm van leeftijdsgerelateerde macula degeneratie.
  2. Lucentis; dit is een middel dat geregistreerd is voor de behandeling van de natte vorm van macula degeneratie, maar dat bijna veertig keer zo duur is als Avastin.

In het St. Elisabeth Ziekenhuis kan zowel Avastin als Lucentis worden gespoten .

Toediening van het medicijn

Voorbereiding

De patiënt start de dag voor de injectie met druppelen. Hij/zij druppelt vier keer per dag een ontstekingsremmende oogdruppel in het te behandelen oog.

Werkwijze

Het oog wordt verdoofd met druppels. De huid rond het oog wordt gedesinfecteerd met jodium. Er wordt een steriele doek over het hoofd gelegd en er wordt een ooglidspreider aangebracht (dit zorgt ervoor dat de patiënt niet knippert tijdens de prik). Er wordt extra verdovingsvloeistof onder het buitenste laagje van het oog (de conjunctiva) gespoten, dit is niet of nauwelijks voelbaar. Drie en een half tot vier millimeter vanaf het hoornvlies wordt de medicatie in het glasvocht gespoten. Dit kan een wat drukkend gevoel geven. Er wordt antibioticazalf in het oog gedaan.

Nabehandeling

De patiënt gaat diezelfde avond starten met ontstekingsremmende oogdruppels die 4 keer per dag, gedurende één week, in het behandelde oog moeten worden gedruppeld.

Vervolgafspraken

Meestal worden er drie injecties in het oog gegeven met vier tot zes weken tussentijd. Er kunnen echter omstandigheden zijn waardoor de patiënt meer of minder injecties nodig heeft. Een dag na de injectie belt een van onze medewerkers u thuis op om te informeren hoe het gaat, of er bijwerkingen zijn en om eventuele vragen te beantwoorden. Vier tot zes weken na de injectie komt u weer naar de poli Oogheelkunde voor onderzoek.

KANS
klachten aan arm, nek en/of schouder
slechtziendheid
niet goed kunnen zien
gezichtsvermogen
het vermogen om te zien
behandeling
activiteit van een zorgaanbieder gericht op het herstel en voorkomen van verergering van een aandoening of beperking, naast andere activiteiten als begeleiding, consultatie of verblijf, om te voldoen aan individuele zorgvragen; een van de zeven awbz-functies
groei
toenemen in lichaamsgrootte en de snelheid van die toename
overgang
periode waarin de vrouw onvruchtbaar wordt
risicofactoren
(mede) bepalende elementen voor de kans op ziekten, letsels of bepaald gedrag
bloeddruk
druk die het bloed op de binnenwand van de bloedvaten uitoefent
roken
van tabak
kanker
kwaadaardige gezwelvorming
bijwerkingen
bijkomende effecten van geneesmiddelen, medische behandelingen of gebruik van medische hulpmiddelen
injecties
inspuitingen