logo
tekst verkleinentekst vergroten tekstgrootte

CT-scan

De afkorting CT staat voor Computer Tomografie. Dat wil zeggen dat er met behulp van een computer dwarsdoorsneden van het menselijk lichaam kunnen worden gemaakt. Op de foto’s is de vorm, structuur en ligging van organen en weefsels goed te zien.
Bij de CT-scan wordt, net als bij gewone röntgenfoto’s, gebruik gemaakt van röntgenstralen. Het onderzoek wordt uitgevoerd door de radiologisch laborant. De radioloog beoordeelt de foto's.

 ctscan.jpg (20 Kb)

 

Voorbereiding

Algemeen:

  • Als u medicijnen gebruikt, kunt u deze gewoon blijven innemen.
  • Als u overgevoelig voor jodium bent, meld dit dan voor het onderzoek.
  • Als u zwanger bent of denkt te zijn, meld dit dan voor het onderzoek. Indien u borstvoeding geeft, is dit ook belangrijk om te melden.
  • Indien u een stoma heeft, meld dit dan voor het onderzoek aan de laborant.
  • Houd met kleding rekening dat er geen metaal aan mag zitten. Het beste kunt u onder- en bovenkleding dragen zonder metaal (beugel van de beha, ritssluitingen , drukkers, sierapplicaties). U hoeft dan minder kleren uit te trekken.

Speciaal:
Soms is er een speciale voorbereiding nodig. Meer informatie over deze voorbereiding, het verloop van het onderzoek en bijzonderheden na het onderzoek kunt u lezen in de patiëntenfolder. Wij raden u daarom aan om de desbetreffende patiëntenfolder aandachtig door te lezen. Er zijn speciale folders voor:
CT-onderzoek van de buik
CT colonscopie
CT geleide punctie
Cardiale CT

Het onderzoek

Voor het CT- onderzoek ligt u meestal op uw rug op een tafel. De laborant schuift u door de opening van het apparaat tot de plaats die moet worden onderzocht. Deze opening is een ring en geen afgesloten tunnel. Het is belangrijk dat u tijdens het onderzoek zo stil mogelijk ligt. Terwijl u door de ring 'schuift' worden de foto’s Het CT-onderzoekgemaakt.

Bij patiënten die extra zorg nodig hebben (bijvoorbeeld onrustige patiënten of jonge kinderen) is het mogelijk dat een ouder of begeleider erbij blijft tijdens het onderzoek. Maar aangezien een CT-scanner gebruik maakt van röntgenstralen, wordt hier zeer terughoudend mee omgegaan. 
Bij veel onderzoeken op de CT-scan wordt gebruik gemaakt van een contrastmiddel. Dit wordt via een infuus toegediend. Indien u een port–a–cath hebt, kan het contrastmiddel ook hier doorheen worden gegeven. Als u op dezelfde dag nog bloed moet laten prikken, dan raden wij u aan dit tot na het onderzoek uit te stellen.  Het infuus kunnen wij dan laten zitten, zodat u maar één keer geprikt hoeft te worden.

Bij sommige onderzoeken zal u gevraagd worden uw adem 10 tot 20 seconden in te houden. Dit zorgt ervoor dat de verkregen beelden niet bewogen zijn. 
Tijdens het onderzoek is de laborant in de ruimte naast de kamer. De laborant kan u zien door een raam en met u praten via een intercom. Als de CT-scan is gemaakt, gaan alle gegevens naar de computer, waar ze worden verwerkt tot de uiteindelijke beelden. De opgeslagen gegevens kunnen achteraf gebruikt worden voor een driedimensionale reconstructie van het onderzochte gebied. De duur van een CT- onderzoek varieert van 5 tot 30 minuten.

Contrastmiddelen

Organen en bloedvaten zijn niet goed te zien op een CT-scan. Hiervoor is een contrastmiddel nodig waar jodium in zit. Dit contrastmiddel maakt een bloedvat of een orgaan zoals bijvoorbeeld de nieren duidelijk zichtbaar op de foto.         
 CT zonder contrastmiddelen  Ct met contrastmiddelen

Er wordt gebruik gemaakt van twee verschillende contrastmiddelen. Zij worden ieder op hun eigen wijze toegediend:

  • door het te drinken voor vulling van het maag-darmkanaal;
  • door het met een infuus in een ader te spuiten voor het onderzoeken van de organen en/of bloedvaten.

Het contrastmiddel dat via de aders wordt ingespoten verdwijnt via de nieren weer uit uw lichaam. Het belangrijkste probleem dat zich kan voordoen na toediening van dit contrastmiddel is een tijdelijke of blijvende verslechterde werking van de nierfunctie. Dit geldt vooral voor patiënten die bekend zijn met bepaalde nieraandoeningen. Hierover kunt u meer lezen op de pagina over contrastmiddelen.
Voor iedereen geldt dat veel drinken voor en na het onderzoek aan te raden is.
Voor een scan van de buik moet u vaak een uur eerder aanwezig zijn om contrastmiddel te drinken. U kunt terugvinden in de patiëntenfolder die u hebt gekregen of dit in uw geval ook nodig is.

Bijwerkingen

Het contrastmiddel wordt via een infuus in de aderen gespoten. Deze toediening verloopt in verreweg de meeste gevallen zonder problemen. Wel kunt u een warm gevoel door uw lichaam krijgen, een rare smaak in uw mond en het gevoel dat u uw urine laat lopen. Deze bijwerkingen trekken binnen een paar minuten vanzelf weer weg. U kunt hierna zonder bezwaar weer auto rijden.  Er is een kleine kans dat er na enige tijd nog bijwerkingen optreden als gevolg van de contrasttoediening. Wees hier alert op! Late reacties kunnen inhouden: huiduitslag, jeuk, galbulten, benauwdheid, etc. Mocht u een dergelijke reactie bij uzelf constateren, raadpleeg dan binnen kantooruren de afdeling Radiologie en buiten kantooruren uw huisarts (huisartsenpost).  Als u bij een eerder onderzoek met een contrastmiddel een allergische reactie hebt gekregen, vertelt u dit vóór het onderzoek aan uw arts en de laborant die het onderzoek uitvoert. Soms krijgt u dan een ander onderzoek, of worden er voorzorgsmaatregelen genomen.

De uitslag

Na het onderzoek kunt u meteen naar huis of naar de afdeling waar u bent opgenomen. De radioloog bekijkt de CT-beelden en maakt een verslag van het onderzoek. Het verslag gaat naar uw behandelend specialist. U krijgt de uitslag dus niet direct na het onderzoek.

Hoe werkt een CT-scan?

De CT-scan wordt gemaakt met röntgenstralen. Het verschil met een gewone röntgenfoto is dat bij de CT-scan de röntgenbuis en de detector  om het lichaam heen draaien. De ronddraaiende röntgenbuis zendt röntgenstraling uit die door het lichaam gaat. Als de straling het lichaam aan de andere kant weer verlaat, wordt deze opgevangen door de detector. Deze zet vervolgens de straling om in beelden/foto’s.
De weefsels van ons lichaam zoals bot, long en vet hebben verschillende dichtheden. Hierdoor wordt er meer of minder röntgenstraling doorheen gelaten. De informatie die op de detectoren komt, is dus per weefsel verschillend. Dit verschil zet de computer om in verschillende grijstinten die samen het uiteindelijke beeld vormen.

Schematischevoorstelling CT-scan  Voorbeelden van CT-scan

De verschillen tussen een CT-scan en een MRI-scan worden hier uitgelegd.

CT
creatieve therapie
CT
creatieve therapie
CT-scan
computertomografie; resultaat van computertomografisch onderzoek, waarbij een computergestuurd röntgenapparaat in dwarse richting plakjes fotografeert van het te onderzoeken gebied in het lichaam; een computer zet deze plakjes om in doorsnedefoto's; bij spiral scans schuift de patiënt langzaam door het ronddraaiende scanveld
borstvoeding
zowel moedermelk als het geven van moedermelk
stoma
niet-natuurlijke opening die een lichaamsholte met de buitenwereld verbindt
contrastmiddelen
vloeistoffen die geen röntgenstralen doorlaten en in het lichaam gebracht worden om delen van het lichaam zichtbaar te maken op een röntgenfoto
bijwerkingen
bijkomende effecten van geneesmiddelen, medische behandelingen of gebruik van medische hulpmiddelen
KANS
klachten aan arm, nek en/of schouder
huiduitslag
plaatselijke verandering van de huid, zoals vlekken of pukkeltjes
jeuk
kriebelend gevoel aan de oppervlakte van de huid dat aanzet tot krabben
benauwdheid
toestand en gevoel van bemoeilijkte ademhaling
radiologie
medisch specialisme dat zich bezighoudt met het verrichten van onderzoek en het stellen van diagnoses met behulp van stralen of apparaten die de weefsels en organen van het lichaam zichtbaar maken
uitslag
van een medisch onderzoek
MRI-scan
magnetic resonance imaging-scan